Spirituele dating community Netsamen

Leden login

Ik ben mijn logingegevens vergeten

E-mail adres
Home » Magazine » Archief » Interviews
Interview door Aat Lambèrt de Kwant, magazine juli 2012

Interview pandit Ashish Mathura - Mystieke tak van het hindoeisme hecht veel belang aan de innerlijke weg

'Tot jou, die dit leest, spreek IK. Tot jou, die zoekt naar waarheid, vrede, liefde en geluk, komt IK BEN. IK BEN jou zelf, jouw diepste innerlijk, dat alles weet en altijd geweten heeft en altijd is. IK, jouw goddelijke Zelf, breng je deze woorden om je te leren dat IK, je eigen ware Zelf, jouw enige leraar BEN. Mijn woorden spreek IK van binnenuit tot je uiterlijk, menselijk bewustzijn om te bevestigen alles wat jouw IK BEN in je altijd wist, maar nog niet heeft vertaald in duidelijke en begrijpelijke termen.
Indien je bereid bent tot deze bewustwording in jezelf, volg dan aandachtig de uitleg die IK hierin geef en wéét dat het jouw hoogste ZELF is dat door deze bladzijden tot je spreekt.'

Het boekje ‘Het onpersoonlijke leven’, waaruit dit citaat komt, heb ik al zo’n twintig jaar in mijn boekenkast staan en heeft mij al die tijd geboeid en geïnspireerd. Het min of meer theosofisch getinte boekje wil een leidraad zijn naar het ware leven. De inhoud komt er kortweg op neer dat we als mens worden geleid en bepaald door wat zich 'Ik ben' noemt, de Vader, het goddelijke wezen. Hij moet dit in zijn leven realiseren, loskomen van al wat hij dacht en leerde, de persoonlijkheid overwinnen. Hij moet in zichzelf de eenheid bereiken met het onpersoonlijke allesomvattende.

Het boek is vermoedelijk omstreeks 1915 in de VS ontstaan maar van de auteur J.S. Benner (gestorven in 1941) is verder niets bekend; er is in ieder geval geen beweging of centrum om hem heen ontstaan. Toch blijken velen het boekje te kennen en te koesteren.

Dat ik het noem heeft ermee te maken dat het hier niet gaat om bepaalde rituelen of dogma’s, maar om onze innerlijke ervaring, onze innerlijke reis. Elke religie beschikt immers over een exoterische en esoterische, ofwel diep verborgen binnenkant, ofwel de gnosis. Veel priesters, rabbi’s, pandits, imams, of dominees hebben doorgaans weinig tot geen kennis over die innerlijke kant, de gnostiek. Deze maakt niet of nauwelijks deel uit van hun theologische studie. Dit is de reden waarom velen van hen moeite hebben met mystieke ervaringen van gelovigen, zoals bijvoorbeeld een bijna-doodervaring. “Dit staat niet in mijn bijbel,” zei een dominee bits tegen een lid van zijn gemeente die een dergelijke ervaring had.

Maar dat is aan het veranderen. Een aantal dominees en priesters organiseert zelfs gemeenteavonden over gnostiek en esoterisch bijbellezen. Meer aandacht dus, zij het aarzelend, voor de innerlijke aspecten van religie.

Gnosis = religie van binnen beleven

Die diep verborgen kant, het binnenste, wordt ook wel ‘gnosis’ genoemd of ‘kennis van het hart’. De reden dat deze gnosis geen deel uitmaakt van de geloofsbelijdenis van zo’n religie, is dat zij pleit voor het vergaren van een bijzondere kennis. Die kennis zou er weleens voor kunnen zorgen dat de gelovige tot ‘wetende’ wordt, wat de macht van elk priesterschap kan doen wankelen. In alle eeuwen zijn de gnostici dan ook verjaagd, gewantrouwd, veroordeeld en verketterd. Van de hindoeïstische Samkhya tot de Tibetaanse lhag Thong, van de islamitische Moe’tazilieten tot de christelijke Katharen, het liep nooit goed met hen af. Gnosis biedt een religie die je diep van binnen beleeft. Maar het is ook een pad van kennis die je een helder inzicht geeft in je eigen leven en in de bedoeling van je bestaan in deze kosmos. Gnosis zoekt naar het antwoord op de vraag naar zin en doel van het leven van de mens. Gnosis is 'kennis van het hart', niet-rationele kennis die wezenlijke antwoorden bevat en deze werd vaak slechts aan 'íngewijden' doorgegeven.

Ik noem enkele gnostische groeperingen en systemen: Rozenkruisers, Vrijmetselaars, Essenen, de joodse Kabbala, en de Indiase Vedanta. Dharma lijkt veel op het Chinese Tao en geeft een aanwijzing hoe je zou kunnen leven in overeenstemming met het doel ervan: je realiseren tot wat je in wezen bent. Een pad dat je leidt van onwetendheid tot kennis.

Hoewel het hindoeïsme tal van geschriften kent, is het lezen daarvan geen doel op zich. We bestuderen de geschriften om ons te laten inspireren en kunnen zo het pad op onze levensreis verlichten.

Het hindoeïsme is in zijn zuiverste vorm - zoals eigenlijke alle religies van oorsprong - een ervaringsreligie. Uiteindelijk gaat het erom het goddelijke van ons eigen zelf te ervaren.

De ware yoga

Yoga is een eeuwenoude wetenschap/filosofie uit India. In het Sanskriet betekent yoga verbinden, verenigen. Het ‘één worden’ van lichaam en geest staat centraal en wordt bereikt door middel van ademhalingstechnieken, houdingen (asana's) en meditatie. Hierdoor komen we tot rust. Het brengt totale ontspanning in ons lichaam en onze geest. Door de ontspanning zijn we beter in staat aan te voelen waar je behoefte aan hebt en onze altijd maar doorgaande gedachtestroom wordt tijdelijk onderbroken, waardoor we onze energie op een betere manier kunnen gebruiken.

In dit artikel komen verschillende vormen van yoga ter sprake. Traditioneel zijn er vier vormen van yoga: karma, bhakti, gyaan en raja.

In feite werden in het oude India met yoga al deze drie vormen gezamenlijk bedoeld. In zuivere yoga worden karma, bhakti en gyaan niet gezien als aparte stromingen, maar als de drie bestanddelen waar yoga uit bestaat. In de loop van de tijd werd dit vergeten en veranderde de definitie van yoga in wat wij in het Westen kennen als yoga, namelijk het uitoefenen van asana’s (poses). In feite valt het uitoefenen van asana’s onder hatha-yoga, dat een klein deel vormt van karma-yoga.

Hindoe-geleerden wilden een wederopbloei van yoga zoals die beschreven was in de yogasutra’s creëren onder de mensen. Zij zagen karma, bhakti en gyaan als drie aparte yogastromingen. Om mensen het inzicht te geven dat yoga al deze drie aspecten bevat, werd wat al duizenden jaren bekend was als yoga hernoemd tot raja-yoga, zodat het onderscheiden kon worden van wat men toen nog dacht dat yoga was.

Yoga, nu dus raja-yoga genoemd, is de meest complete vorm van yoga omdat zij alle andere vormen van yoga omvat. Het systeem, de yogaleefregels, werd beschreven door Patanjali in de yogasutra's als het 8-voudige pad, ashtanga-yoga. In zijn boek ‘Karma-, Bhakti-, Gyaan- en Raja-yoga’  worden deze prachtig door Swami Vivekananda beschreven.

Spirituele wegbewijzering

Pandit Ashish Mathura, geboren in de familie Mathura, kwam al op jonge leeftijd met de Sanatan Dharma (de oudste stroming van het hindoeïsme ) in aanraking. Een pandit is een spirituele begeleider binnen het hindoeïsme die het als een levenstaak ziet om mensen te inspireren en te begeleiden binnen de Vedische leer. Deze Vedische leer is de kosmische kennis die de zieners ofwel de rishi’s van vroeger hebben vastgelegd. Ondermeer de Upanishads en de Bhagavad Gita maken deel uit van deze Vedische leer. Deze Vedische leer kent veel heilige geschriften, waar de vier Veda’s een deel van zijn. Er zijn meerdere geschriften die de mens prikkelen en inspireren om naar binnen te gaan. Ze hebben het minder over de tradities en de cultuur, maar spreken meer over de ziel, over het zijn en over het innerlijk van de mens. Voor mensen in het Westen die noch de tradities, noch de culturele samenhangen van het hindoeïsme kennen, is het starten met de Bhagavad Gita en de Upanishads het meest aan te bevelen; het zijn als het ware ANWB- wegbewijzeringen voor wie bereid is de innerlijke reis te gaan maken.

Als het gaat om de innerlijke weg die de mens kan volgen, wijst Ashish Mathura op Sri Yoekteswar, die van Babaji leerde hoe een mens in het dagelijkse leven normaal kan functioneren, zijn maatschappelijke taak kan vervullen, maar tegelijkertijd ook spiritueel kan groeien. “Wat is,” zo zegt hij,, “een mooiere boodschap voor ons in het zo drukke Westen? “Als je kijkt naar de oude Indiase devotionele (bhakti-)films en ook westerse verhalen, hebben we vaak het idee dat we pas spiritueel kunnen groeien als we totale afstand nemen van deze materiële wereld,maar dat is niet nodig. Het mooie is dat we allemaal spiritueel kunnen groeien binnen de wereld waarin wij leven en gewoon ons innerlijke zelfbewustzijn en daarmee God kunnen bereiken. Je hoeft geen afstand te nemen van bijvoorbeeld vrouw, kinderen en werk. 
Voor mij was dit de allermooiste boodschap die Babaji via Sri Yoekteswar en later Yogananda heeft doorgegeven.”

Het is een mooie inleiding op de uitleg die Mathura geeft over karma-yoga, bhakti-yoga en gyaan-yoga en het thema van deze Prana-editie, de innerlijke reis. Hij legt uit dat de yoga zoals wij die in het Westen kennen voornamelijk poses zijn, terwijl de ware yoga letterlijk betekent verbinding maken, ofwel zich verbinden met. “Yoga, die bestaat uit deze drie aspecten, helpt ons deze verbinding te maken met het goddelijke dat wij zijn. Bhakti-yoga betekent dat je door middel van devotie verbinding zoekt. Karma-yoga betekent dat je door middel van handelen probeert om connectie te maken. Gyaan-yoga betekent dat je door het vergaren van kennis en het ontwikkelen van wijsheid probeert die connectie te maken. Raja-yoga vat alles samen. Al deze drie wegen, vormen samen raja-yoga. Raja betekent dan ook: koning, hij die alles omvat, hij die over alles gaat. Een misvatting in het Westen, die ook in het Oosten ontstond, is dat yoga het beoefenen van asana’s (poses) inhoudt. In feite is dit maar een klein deel van het geheel en wordt de rest vergeten. Yoga geeft ons de sleutel om de weg naar binnen te bewandelen en de connectie te maken met onze ziel, het ware IK.”

Gereed voor de innerlijke reis

Ashish Mathura benadrukt dat het hindoeïsme, vooral de mystieke tak, veel belang hecht aan de innerlijke weg. “In het hindoeïsme wordt gezegd dat wanneer je vairagya hebt bereikt je klaar bent voor de innerlijke reis. Vairagya betekent moe zijn van de materiële wereld of het willen loslaten of onthecht leven. Je gaat bijvoorbeeld op zoek naar je zelf, je gaat hiervoor op reis en bezoekt alle mandirs (tempels) en bedevaartsoorden en je gaat langs alle goeroes en geleerden in deze wereld. Maar wanneer je moe geworden bent van al dat zoeken en reizen en eindelijk stil wordt, dan pas ben je klaar voor die innerlijke reis. Eerder ben je er niet klaar voor en besef je niet dat die reis gemaakt moet worden of dat het überhaupt mogelijk is. Ik kan iemand vertellen dat hij die reis moet maken, maar zolang hij zelf nog de drang heeft om naar zichzelf te blijven zoeken in de uiterlijke wereld, is hij er nog niet klaar voor. Hij moet zelf gaan inzien dat de reis naar binnen belangrijker is dan al dat “spirituele”reizen in de buitenwereld. Maar de meeste mensen zoeken het buiten, ook hier in het Westen, waar velen aan het reli-shoppen zijn. Het is ook niet zo vreemd, want we worden van jongs af aan getraind om het buiten onszelf te zoeken. Wij leren dat alle geluk buiten ons is te halen en alles wat je wilt bereiken buiten ons is, maar als je je realiseert dat deze zaken er niet toe doen en dat het geluk dat je bereikt denkt te hebben slechts tijdelijk is, ben je er klaar voor om de innerlijke weg te bewandelen.’

Religie als siermiddel

De Rotterdamse pandit ziet vaak bij mensen thuis dat de Bhagavad Gita mooi en netjes gekaft en afgestoft is en dat men die in een vitrinekast geplaatst heeft: hij wordt praktisch aanbeden. Maar daar gaat het niet om, zegt hij. “Je ziet het ook bij andere religies. Het gaat erom dat wat er in de Bhagavad Gita gezegd wordt, ook toegepast wordt en dat ernaar geleefd wordt. Het geheim van de ziel, het ware IK kunnen we vinden in de Bhagavad Gita. Daarin kun je de weg van verlichting vinden. Maar dan moet je wel erover filosoferen en erop reflecteren. In je eentje, of met familie en vrienden. Het exoterische houdt zich meer bezig met het fysiek aanbidden van deze heilige geschriften door bijvoorbeeld bloemen te offeren en ze op een altaar te plaatsen. Een boek is een dode boom met inkt. De heiligheid komt pas tot leven als het gelezen, begrepen en toegepast wordt. Een oude man die de Bhagavad Gita heeft stukgelezen en er ook naar leeft zodat hij ook in hem leeft, heeft hem tot een spiritueel instrument gemaakt, heeft hem verinnerlijkt en dat geldt ook voor andere heilige boeken.”

Wake-up calls tot de innerlijke reis

Pandit Mathura ziet wel dat in deze tijd mensen openstaan voor wake-up calls die de aanzet kunnen zijn voor verdere spirituele groei of transformatie. Mensen gaan door crisissen heen en beseffen vaak plotseling dat er meer is dan enkel de externe wereld. De een begint de spirituele, innerlijke weg al in een vroeg stadium, de ander heeft daar zo’n wake-up call voor nodig. Volgens hem groeit ieder mens spiritueel; de een sneller, de ander langzamer, maar ieder wezen op deze aarde groeit spiritueel en krijgt de middelen die hij nodig heeft om verder te groeien. “Sommige mensen die zover zijn en klaar zijn voor die reis naar binnen, krijgen gewoon de middelen op hun pad, want zij staan er al klaar voor, maar anderen staan er nog niet klaar voor en moeten het op de ‘hardere’ manier leren door de wake-up call te krijgen. Ze zijn nog gehecht aan alleen het materiële in deze wereld. In de parabel van Jezus over de wijze en dwaze maagden die jij noemt, komt dat heel mooi tot uiting. We krijgen allemaal zo’n wake-up call. Er wordt ook wel gezegd dat de innerlijke ziel ervoor gezorgd heeft dat je die crisis, tegenslag of verlies krijgt . Het zijn wake-up calls. Mensen gaan luisteren naar de roep van hun ziel. Van mijn Chinese buurman leerde ik dat een probleem word gedefinieerd als een mogelijkheid, een kans om te leren en te groeien. Een crisis kan dus een kans zijn zodat jij je verder kunt ontwikkelen. Het gaat erom dat mensen bewust worden van lila, het goddelijke spel. Al die ervaringen en zogenaamde tegenslagen bieden ons een kans om naar binnen te reizen, terwijl geluk er vaak voor zorgt dat je stagneert.”

Op mijn vraag of lijden in dit verband noodzakelijk is om spiritueel te groeien, antwoordt Ashish Mathura bevestigend.

“Ja, zonder lijden of pijnlijke levenslessen ervaar je weliswaar geluk, maar in feite komt het neer op stagnatie,” zegt hij, maar hij voegt daar meteen aan toe dat dit niet betekent dat je als mens geen geluk en voorspoed mag ervaren, je moet je er alleen niet aan hechten. Hij heeft wel het idee dat steeds meer mensen juist door wat ze meemaken gaan nadenken en relativeren wat ze is overkomen. Ze gaan inzien dat ze alle mogelijkheden hadden om verder te groeien, maar niet zagen dat de deur al openstond. “Ik zie steeds vaker dat mensen wakker aan het worden zijn. We zitten nu in een periode van veel crisis en tegenslag, maar tegelijkertijd biedt het weer enorme kansen om te leren.”

De noodzaak tot zelfreflectie

Om die innerlijke reis te maken zijn er vier principes die iemand in zijn leven moet integreren wil hij die reis naar binnen maken. De Rotterdamse pandit noemt dat de vier pilaren van het hindoeïsme; satya, daya, daan en tap.

  • Satya betekent letterlijk vertaald: dat wat waar is of dat wat goddelijk is.
  • Daya betekent mededogen
  • Daan betekent geven.
  • Tap betekent zelfreflectie.

Satya is eerlijkheid, eerlijkheid naar jezelf toe, eerlijkheid naar je medemens toe en eerlijkheid naar God toe. Ashish Mathura: “Door eerlijk te zijn en in eerlijkheid te leven creëer je de positieve energie in en om je heen om spiritueel te kunnen groeien. Je creëert een voedingsbodem. Door daya, mededogen naar jezelf, liefde naar jezelf (geen egocentrisme), liefde naar je medemens en liefde naar God toe, creëer je een sfeer die nodig is om spiritueel te groeien. Daan komt neer op het kunnen geven, het kunnen geven aan jezelf, je medemens en geven aan God. Tap betekent zelfreflectie, steeds weer reflecteren naar jezelf, zo vaak als je kunt. Sommige mensen doen dit iedere avond, maar er moet zelfreflectie zijn, zodat je eerlijk naar jezelf kunt kijken in hoeverre je groeit of niet groeit en hoe je groeit.”

De illusie van het streven naar verlichting

Hij heeft zo zijn vragen bij het huidige streven naar verlichting en wijst erop dat in de Bhagavad Gita Krishna aan Arjuna uitlegt dat je alleen het recht hebt om te handelen, niet om te denken over de vruchten of resultaten van jouw handelen. “Dit betekent dat als iemand actief bezig is te zoeken naar verlichting, hij verlichting misloopt. Als je een weekendcursus verlichting wilt volgen en verwacht dat je na dit weekend verlichting bereikt zult hebben, ben je er nog niet klaar voor. Je bent enkel bezig met het doel en niet met het handelen zelf. “Je bent niet bezig met je karma, maar met het gevolg van jouw karma. Dan zul je niet spiritueel kunnen groeien. Dat is de leer van de Bhagavad Gita. Wil je verlichting bereiken, moet je verlicht leven. Het is niet een doel, het is de weg. Je loopt of op de weg van verlichting of op de donkere weg. Het is een van de twee en je kiest ervoor om op een van beide wegen te lopen. Het gaat dus om de weg, niet het einde van de weg. Je kunt ook niet zeggen dat je gezond wordt door het te willen, maar door gezond te leven. Dan ben je gezond, en wanneer je niet meer gezond leeft, ben je ook niet meer gezond. Zo is het ook met de weg naar binnen: je leeft spiritueel, je maakt de reis naar binnen of je doet het niet, maar het is niet een doel, het is de weg.”

∞∞∞

Voor jou uitgelicht:

yoga ~ Spirituele Agenda
Satsang met Emilia
Zininzijn
Zevenhuizen, Groningen
22 mei 2013


Gesprekken over eenheid, bewustwording en transformatieprocessen.

Centraal in satsang staat de vraag 'Wie ben je'. In persoonlijke diepgaande gesprekken, die uitgaan van jouw levenssituatie in [...]

Lees verder

Terug naar boven
 
Gelijkgestemde netsamen partners